Vrede is een kernwoord in de viering van Kerstmis. In het evangelie (Lc 2,14) wordt geroepen: ‘Eer aan God in den hoge en op aarde vrede onder mensen van wie God houdt’. Kerstmis en vrede horen bij elkaar. Zelfs in de bitterste oorlogen is er vaker het kerstbestand. Enkele dagen zwijgen de wapens. Spijtig genoeg gaat daarna het geweld weer door. Ironisch en toch niet zonder betekenis. Waar komt die kerstvrede vandaan? De oorspronkelijke tekst wijst de weg. Wij vertalen altijd: ‘Eer aan God in den hoge’, een exacte vertaling laat iets anders zien. Er staat een Grieks woord (doxa) dat betekent: de reddende nabijheid van God. Omdat in dit kind de redding van de Allerhoogste nabij is, daarom wordt op aarde vrede voor mensen mogelijk. Dat roepen ook de engelen: ‘Heden is voor jullie een Redder geboren, Christus de Heer’. Deze reddende nabijheid hebben wij gezien, zeggen leerlingen in het Sint Jans evangelie (1,14). De Titusbrief (3,4-5) zegt: ‘De goedheid en mensenliefde van God, onze Redder, is op aarde verschenen en Hij heeft ons gered, niet omdat wij iets goeds gedaan zouden hebben, maar alleen omdat Hij barmhartig is’. Redding en vrede, een geschenk van Gods goedheid in een mens.
Hoe gaat die redding in haar werk? Dat gebeurt steeds in ontmoetingen. Ik blader door het Lucas-evangelie en hoor Jezus tweemaal zeggen: ‘Ga in vrede’. Eerst als hij een vrouw vergeeft die om haar zonden bekend staat (Lc 7,50). Daarna als hij een zieke vrouw geneest (Lc 8,48). In de oorspronkelijke tekst staat het net iets anders. Er staat niet: ‘Ga in vrede’, maar ‘Ga naar vrede toe’. Ik versta: Ik heb je nu genezen, ik heb je van je zonden bevrijd, ga nu verder naar een leven toe dat door vrede getekend is. Het is als de arts die me ruim 2 jaar geleden geopereerd heeft. Bij de laatste controle zegt hij: ‘Ik heb u beter kunnen maken. De rest is aan uzelf’. Zo zingt de vader van Sint Jan de Doper over de komst van de Messias: De Zon is opgegaan voor wie in het duister zitten en in de schaduw van de dood, om onze voeten te richten op een weg die naar vrede leidt (Lc 1,78-79). Boeiend om te horen: ‘een weg die naar vrede leidt’. ‘De Zon is opgegaan’. Met de woorden van Jesaja: ‘Het volk dat in het donker wandelt, ziet een groot licht’. Of in de brief aan Titus: ‘De genade van God is openbaar geworden tot redding van alle mensen’. Dat doet goed.
Maar wat kan ik hiermee? Het blijft zo buiten mij. Is het niet een zoethouder? Het lijkt erop. Nu naderen we de kern. Kerstmis openbaart me aan mezelf. Kerstmis is de openbaring van de onvermoede Kracht die schuil gaat in deze mens bij uitstek Jezus de Messias, de Kracht van de heilige Geest. Maar niet alleen in hem, ook in alle mensen. Goddelijke Kracht die herstelt wat gebroken is. Een Kracht tot liefde die in mensen is maar die door vele oorzaken lam gelegd kan zijn. Jezus’ geboorte openbaart ons wat in mensen aanwezig is en tot ontplooiing wil komen. Hij, de Messias roept ons op om messiaans te leven, dat wil zeggen in het klein en in het groot reddend te leven, vrede te stichten, recht te doen. Daartoe zijn we in staat. Het is niet zozeer een loodzwaar moreel appél. Het is veeleer een signaal dat ons wakker maakt: mens, zie toch welke positieve kracht in je steekt, een kracht die je geschonken wordt, Gods Kracht in jou die jou richt op een weg die naar vrede leidt. Kerstmis openbaart ons de binnenkant van ons, men-sen. In elke ontmoeting spreekt Jezus mensen aan op die binnenkant en brengt die in beweging. Daarom is hij onze Redder. Hem volgend kunnen wij dat ook bij elkaar doen. Hoe doe je dat? Door je eerst te realiseren wat je mag zijn. Kun je jezelf aanvaarden, kun je tot vrede komen met jezelf, is er een beetje innerlijke vrede in jezelf, dán kun je ook vrede brengen voor een ander. Als je koerst op die goddelijke binnenkant, de heilige Geest in jou, ga je reddend leven en word je geloofwaardig als leerling van de Redder Jezus de Christus. Als christenen en kerken reddend en vrede brengend in de samen-leving staan, wordt de boodschap van Kerstmis overtuigend.
P. Stevens