|
Doe eens alles weg waar je van houdt. Één ding mag je overhouden. Wat wil je dan beslist niet kwijt? Je vrouw of je man, je kinderen? Je huis, je banksaldo, je sport, je gezondheid, je goede naam? Een domme prikkelende vraag. Onmogelijk te beantwoorden. Toch ook een interessante vraag. Ze brengt je ertoe om na te gaan wat je het meest aan het hart ligt, waar je hele leven op gebouwd is en waar je alles voor over hebt. Wat is uiteindelijk bepalend voor het geluk in je leven, de kernwaarde van je leven? Nog anders gezegd: Wat of wie is je god?
Driemaal per dag bidden vrome joden: ‘Luister Israël, JHWH is onze God, JHWH alleen! Gij moet JHWH uw God beminnen met heel uw hart, met heel uw ziel en met al uw krachten…’ (Dt 6,4-9). Geen wonder dat Jezus dit antwoord geeft op de vraag van een Farizeeër naar het voornaamste gebod in de Wet. Het komt uit zijn dagelijks gebed (Mt 22,36-37). Je kunt je leven bouwen op allerlei waarden. De Bijbel wijst je één grondwaarde: JHWH en Die alleen. In de eerste lezing horen we: ‘Ik ben JHWH en niemand anders, buiten Mij is er geen God’ (Jes 45,5). JHWH, wie bent U? Ik hoor: Ik roep je tot leven (Gen 2,4-7; Ps 96,5). Ik voer je weg uit het slavenbestaan naar een bestaan in vrijheid (Ex 20,2). Ik heb je naam geschreven in de palm van mijn hand (Jes 49,16). Alle andere waarden bouwen voort op die grondwaarde. Als op dit fundament het huis van je leven gebouwd is kun je er veilig en met vertrouwen in wonen (Mt 7,24-25).
Dit besef is de grond en de kern van Jezus’ leven en de achtergrond van het evangelie deze dag. Leerlingen van de Farizeeën en aanhangers van Herodes willen Jezus in de val lokken: Mag je belasting betalen aan de keizer of niet? Zegt hij ja, dan nemen de vromen daar aanstoot aan. Zegt hij nee, dan wordt hij door de Romeinen als revolutionair opgepakt. Enkel een strikvraag? Nee, het gaat om veel meer. Hij vraagt: Mag ik de belastingmunt eens zien? Ze tonen hem een Romeinse munt. Joden moesten de keizer belasting betalen en dat kon alleen met Romeinse munten. Doordat ze die munten bij zich hebben, zijn ze kennelijk al op weg om de belasting te betalen. Hij vraagt: van wie is de afbeelding en het randschrift? ‘Van de keizer’, zeggen ze. Jezus antwoordt: ‘Geef dan aan de keizer wat van de keizer is en aan God wat van God is’, van JHWH, mijn Vader (Mt 25-27). Redt hij zich zo uit de strikvraag? Ja. Maar het antwoord gaat verder dan de vraag. Munten van de keizer zijn van de keizer, dus geef hem die. Maar je ontvangt je leven van JHWH je God. Richt je dus op JHWH aan wie je immers alles te danken hebt. Een tafereel als een spiegel voor ons. Ik versta: kijk naar je leven. De jood en de christen kent één grondwaarde: JHWH is onze God, JHWH alleen, de Enige, allesbepalend. Die maakt je tot een gelukkige en vrije mens als je zijn weg probeert te gaan. Dat doet Jezus.
Wat wil je overhouden als je al het andere in je leven moet wegdoen? Je sterft een keer. Wat hou je dan over? Het is vandaag Wereldmissiedag. Wat is de missie van ons christenen in de wereld? Het eenvoudige en moeilijke antwoord luidt: span je in voor veel goeie dingen in het leven maar durf uiteindelijk alles te relativeren. Niemand kan ook maar iets of iemand meenemen als hij sterft (Ps 50,18). Grondwaarde voor ons leven en sterven is de eeuwig Trouwe. Dat versta ik van Jezus de Christus in de lijn van de inspirerende traditie van de Joden.
P. Stevens
|