|
Een goed gesprek doet wonderen. Als ik niet meer vooruit kom, ga ik naar een goeie vriend. Hij zegt niet veel, hij laat me mijn verhaal vertellen. Soms vraagt hij iets of geeft een korte reactie. Na zo’n gesprek voel ik me vaak een andere mens. Ik durf mijn taak weer aan, ik heb er weer zin in. De somberheid, het gevoel van machteloosheid valt van me af. Ik vraag me af: ‘Geeft híj me dit nieuw elan?’ Ja, want ik ervaar het na een gesprek met hem. Toch is het niet waar dat dit elan enkel van hem komt. Het is de spirit die in mij zit en die hij door zijn houding in mij weet aan te spreken. In het diepst van iedere mens zit een levensvuur. Dat kan aangesproken worden zodat het weer branden gaat en je in beweging zet. Het kan ook onderdrukt worden doordat niemand een beroep op je doet. Of dat je zoveel tegenvallers kent, zoveel ellende dat je nergens meer toe komt, tot niets goeds meer in staat. Levensvuur, vuur dat leven doet, kan worden aangewakkerd of platgeslagen. Dan wordt alles zwart om je heen en in jezelf. Je ziet geen hand meer voor ogen, geen toekomst meer. Als je niet oppast, begin je erover te denken aan je leven een eind te maken. Alle geestkracht verdwenen.
Levensvuur. Schrijf het eens met een hoofdletter en je begint aan te voelen waar het op Pinksteren over gaat: De heilige Geest, Gods Geestkracht die leven doet. In de eerste lezing komt een hevige wind over de groep leerlingen die bijeen zijn. Tongen van vuur zien ze boven ieders hoofd. Vervuld worden ze van heilige Geest, goddelijke Adem. Hevige wind, vuur, nieuwe adem: komen ze van buiten? Ja, zegt het verhaal. Die indruk krijg je ook uit het evangelie. Jezus blaast over zijn leerlingen en zegt: ‘Ontvangt de heilige Geest’. De Geest komt dus van buiten. Toch is dit in mijn ogen maar de halve waarheid. Je vergeet dan het oude Bijbelverhaal. Een mens komt tot leven door de Adem van God. JHWH vormt de mens uit aarde en blaast hem de levensadem in de neus. Zo wordt de mens een levend wezen, zegt het verhaal (Gen 2,7). In iedere mens, stof die vergaat, is levensvuur, elan, veerkracht. Iedere mens draagt in zich de Geestkracht van God, Bron van ons levensvuur. Dat is bij de leerlingen plat geslagen door de wrede dood van Jezus, hun meester. Wat zeggen nu deze verhalen? Na verloop van tijd begint dat vuur weer te branden. Overvloedig, onstuimig, meer dan ze voor mogelijk hielden. Hoe? Het gebeurt in hun midden. Nieuw vertrouwen ontstaat. Ze durven naar buiten treden. Ze vertellen zo overtuigend hoe ze door Jezus geraakt zijn dat vreemden hen meteen verstaan, hen horen spreken in hun eigen taal. Vuur dat in hen smeulde, laait weer op.
Van buiten geraakt, van binnen ontvlamd. Zoals in het contact met mijn collega. Dat geeft nieuw zicht op het feest van Pinksteren. Het Nieuwe Testament uitgelegd door het Oude Testament, het Oude opengelegd door het Nieuwe. Heel de Bijbel leert mij zien wat sinds eeuwen onder mensen en door mensen kan gebeuren. Het Levensvuur, de Adem van de Schepper schuilt in elke mens. Kun je daarvoor opengaan, creatief worden en tot leven komen? Ja, als er telkens mensen zijn die je respectvol tegemoet treden en met en zonder woorden een beroep doen op de kracht die in je schuilt. Dat is het geheim van Jezus de Christus. Als hij mensen ontmoet, komen ze tot leven doordat hij hun diepste snaar weet te raken, hen weet te openen zodat ze weer leven: bedroefde, moedeloze, verlamde en kreupele mensen, mensen die verstrikt zijn in het kwaad of voor wie niemand aandacht heeft. Het vuur van de heilige Geest dat brandt in Jezus, doet het levensvuur in anderen oplaaien zodat ze tot leven komen, weer verder kunnen.
Zou dit iets voor ons zijn? Pinksteren, verteld als een spectaculair verhaal van tongen van vuur en een hevige wind, voltrekt zich overal waar mensen elkaar overeind zetten en weer toekomst geven. Nieuw leven ontstaat altijd van binnen naar buiten. Dit dagelijks wonder voltrekt zich enkel in mij als van buitenaf een mens verschijnt die een beroep weet te doen op mijn diepste innerlijk, het levensvuur van God, dat in me brandt vanaf het begin van mijn bestaan, het vuur van God die Liefde is. Pinksteren vieren is zelf dit vuur gewaarworden en het doen oplaaien in mensen die ik ontmoet.
P. Stevens
|