Van de zoon van de overledene kreeg ik ’s avonds een telefoontje: “Ben je meteen in de hemel als je dood bent gegaan?” Ik had vader de ziekenzalving gegeven en kort daarna was hij overleden. Ik gaf een eerlijk, katholiek antwoord, zonder de term vagevuur te gebruiken.
• Vergelijk het met vanuit het donker in het licht komen. Je ogen moeten er dan even aan wennen. Dat gaat niet ineens. Zo is het ook als iemand sterft: door het licht zie je veel helderder waar het bij jezelf aan schortte; waar het nog donker was. En dat geeft een soort schaamte, dat je het volle licht nog niet kunt verdragen.
• En ik voegde eraan toe: “Het mooie van ons geloof is dat wij voor onze overledenen kunnen bidden: dat ze spoedig in dat volle licht worden opgenomen.” De man was tevreden, dankbaar met het antwoord.
We houden beide vast:
• Verantwoording afleggen voor onze daden (Gods gerechtigheid)
• En Gods barmhartigheid: de vergeving onze eenheid met Jezus.
De vraag naar het leven na de dood; wat gebeurt er dan?, wat is er dan?, is de belangrijkste voor ons geloof. Die vraag leeft ook diep in iedere mens. Bij geloofsgesprekken met jong en oud gaat het dáárom! En wij hebben in ons katholieke geloof zo’n mooi, eerlijk antwoord op. Jezus reikt het ons aan.
Met deze ogen bezie ik de lezingen van vandaag. In het visioen van Johannes (tweede lezing) klinkt het door: “Ik ben de Alpha en de Omega, de Eerste en de Laatste, Oorsprong en Einde” en dan de zaligspreking: “… zij zullen door de poorten mogen ingaan in de Stad” (de Blinkende Stad). Het komen van Jezus horen we: “Ja, Ik kom spoedig”.
En een van de mooiste aspecten van ons geloof is wel dat wij voor elkaar daarbij zoveel kunnen betekenen. Niet alleen door voorbeeld en catechese; zelfs als dat niet mogelijk is, kunnen we veel voor anderen verkrijgen. In de eerste lezing herkennen we dat bij Stefanus. Zijn biddende houding, wanneer iedereen zich tegen hem keert en hij dat met de dood moet bekopen. Zij vertrouwen: “Heer, ontvang, mijn geest”en zijn gebed voor zijn vervolgers: “Heer, reken hun deze zonde niet aan”. Zo heeft Stefanus de bekering van Saulus mee verdiend! Saulus, de latere apostel Paulus, wordt uitdrukkelijk genoemd: “de getuigen legden hun mantels neer aan de voeten van een jongeman die Saulus heette.”
Geloof wordt niet alleen door catechese en voorbeeld overgedragen, maar ook door offers. Zoals een echt gebed een offerbereidheid uitdrukt.
Hét offer waardoor de wereld verlost is, is het kruisoffer van Jezus. Zo heeft Hij de wereld met God verzoend. En wat wij kunnen doen is, daarin delen om mee te verdienen dat wijzelf en anderen er ‘ja’ op zeggen.
Voor onze overledenen bidden we daarom. Want dat houdt bij de dood niet op; het gaat over de grens van de dood heen. Wij dragen ook voor hen de Eucharistie op – de misintenties – en verbinden ze zo met Jezus’ kruis!
Op de kelk, die ik bij mijn wijding van mijn ouders en ons gezin heb gekregen, heb ik een zin laten graveren die me toen al aansprak; een zin uit het evangelie vandaag: “Opdat allen een zijn, zoals Gij Vader in Mij en ik in U ben”
Bij Jezus is dat méér dan een morele oproep om de eenheid te bewaren. Het is een diepe hunkering van Wie Hij is. Hij is één met de vader en zijn diepste wens is onze eenheid met Hem, en de Vader. Zo mogen wij zijn gebed verstaan. Eén blijven met Hem, in ene wereld waar we de goede strijd moeten strijden – zoals Stefanus (en later Paulus). Jezus bidt voor alle mensen die in Hem geloven en meewerken aan zijn Rijk, dat wil zeggen eraan meewerken (-offeren) dat mensen in Hem geloven!
Het geloof, en ook de kerk wordt het meest bedreigd van binnenuit. Dat brengt verdeeldheid! Paus Benedictus, zei dit onlangs als antwoord op de misstanden die er ín de kerk bij kerkmensen zijn. Bedreiging van binnenuit is altijd groter geweest dan van buiten. Werd Jezus ook niet verraden door een van zijn leerlingen?
Vaak staan we machteloos. Aan de andere kant hebben we een grote kracht: de eenheid met Jezus. En die eenheid beleven we in de Eucharistie. Als sacrament van Eenheid. Eenheid met Hem, met Zijn Lijden – want Hij lijdt door alles wat door mensen vaak van binnen de Kerk wordt gedaan. Naast maatregelen die genomen moeten worden, kunnen wij op een gelovige wijze eerherstel brengen door de eenheid met Jezus dieper te beleven. Door een stilstaan bij zijn diepe verlangen naar Eenheid. In feite spreekt Jezus hier zijn testament uit - het hogepriesterlijke gebed. Hij neemt zijn kruis op zich om ons te verlossen en weer tot die eenheid terug te brengen die er was vóór de mens de gespletenheid in zich toeliet. Die eenheid van het begin van de Schepping vóór de zondeval. Zo verbindt Jezus begin en einde, is Hij Alpha en Omega.
De letters staan als symbolen op de paaskaars. Het is de weg naar de verrijzenis: voor iedere mens persoonlijk en voor ons allen tezamen. Amen.