|
Wanneer wij iemand voor de eerste keer zien proberen onze hersenen een beeld van die persoon te vormen. Op grond van onze ervaringen met mensen in het verleden dichten wij de onbekende allerlei eigenschappen toe. Om een voorbeeld te geven: afgelopen vrijdag was in de school waarin ik werk diploma-uitreiking. Trotse leerlingen en hun ouders schreden de bloedhete aula binnen om een plaatsje te zoeken. Onder hen een moeder, mooi gekleed met een sluier om het hoofd. Toen ze mij zag kreeg ik een brede glimlach en een vriendelijk hoofdknikje als antwoord op mijn begroeting terug. Een jongere collega die naast me zat zei:’Ken jij die vrouw dan? ‘ Mijn antwoord.’Heel goed zelfs, zij is een oud-leerlinge van onze school. ‘ Maar ze is toch de moeder van die Ridvan? Dat is toch een Turk?.’ ‘Dat is ook zo,’zei ik toen,’ maar die moeder is na haar schooltijd hier in Heerlen verliefd geworden op een Turkse student in Aken. Verliefd, vervolgens haar vriend ook gevolgd in zijn overtuiging en daarna getrouwd. Zo kan dat dan gaan’. De moeder van onze geslaagde leerling bleek niet geheel te beantwoorden aan het beeld dat mijn jongere collega aanvankelijk van haar had, afgaande op haar uiterlijk.
Iets dergelijks speelt ook in het evangelie van vandaag. Jezus trekt met zijn leerlingen rond, bezoekt Nazareth en gaat op de sjabbat naar de eredienst. Daar wordt voorgelezen uit de bijbel en Jezus mag, net zoals elke volwassen Joodse man commentaar, ja zelfs onderricht, geven op wat voorgelezen is. Dus net zo iets als ik nu voor U mag doen.
Maar dan begint het gerommel bij de mensen in de synagoge. Wat doet die Jeshoea daar bij de ambo? Hij is toch maar een van ons, een timmerman uit Nazareth. Wat meent hij wel? Hij doet alsof hij een profeet is. Dat wil zeggen iemand die op gezagvolle wijze het woord van God, dus bijbelteksten uitlegt. Dat kan toch niet, waar haalt die man dat recht vandaan? Laat hij toch gewoon doen, net zoals ieder van ons. Hoe kan die man nu profeet zijn?
Wij weten wel beter, Jezus’ is de zoon van God, zelfs meer dan een profeet. Niet alleen iemand die Gods woorden uit de bijbel op de juiste manier uitlegt maar Hij is God zelf. Net als echte profeten uit het verleden wordt naar hem niet geluisterd door mensen in zijn naaste omgeving. Juist voor Markus een sterke aanwijzing dat hij een echte profeet is.
Maar voor ons, wat houdt dit evangelieverhaal voor ons in? Onder ons zijn geen profeten meer. Of lijkt dat maar zo? Nog niet zo lang geleden zat ik aan een tafel samen met anderen waar gediscussieerd werd over de buitenlanders in ons land. ‘Allemaal op de boot zetten en terugbrengen naar het land waar ze vandaan komen’ opperde een man. ‘Waar halen we het recht vandaan’, zei een vrouw, ‘ om die mensen weer slachtoffer te maken van de machtsverhoudingen in de wereld? Zij kunnen er toch ook niets aan doen dat wij in betere omstandigheden leven, dat het klimaat hier beter geschikt is om te werken, dat onze voorouders hun voorouders zo uitgebuit hebben. Zou God werkelijk die grote verschillen tussen mensen gewild hebben?’ Toen was het even stil en ging men over op een ander onderwerp. Wat die vrouw deed was profetisch spreken realiseerde ik me later. Ze oordeelde over een situatie, uitgaande van wat ze dacht dat de wil van God was. Meestal komt zo’n oordeel hard aan, stelt zo’n oordeel vraagtekens bij wat we voetstoots als vanzelfsprekend aannemen. Of zoals Jesaja God laat spreken door: ‘ Mijn gedachten zijn niet uw gedachten’ Misschien bedoelt de profeet Ezechiël dat wel als hij de Joden een volk met ‘ een harde blik en een hart van steen’ noemt. Men is niet meer gevoelig voor de misstanden die er zijn. Men leeft maar door en doet er niets aan. Je bereid de mond erover open te doen. Het heeft toch geen zin. Je kunt beter zwijgen en zo de lieve vrede bewaren. Trouwens waar haal ik het recht vandaan om in Gods naam te spreken?
Nou, daar zijn we vaak te verlegen voor. Vroeger is ons vooral geleerd te luisteren naar de Kerk en zijn vertegenwoordigers om de juiste interpretatie van Gods woord te vernemen. Maar ook heeft diezelfde Kerk altijd geleerd dat de Geest van God kan spreken door de mond van elke gedoopte gelovige.
Daarom beste medegelovigen, weest niet bang, voor God’s woord. Laat het ook uit uw hart opborrelen. Blijf niet staan bij de gevestigde meningen en vooroordelen, maar wees kritisch. Ook al is de persoon die met U spreekt een gewone timmerman, toch kan hij ook een profeet zijn. Net als U zelf.
Diaken Renckens
|